| [GSP:IHZ-VPB ID:117331]De door de partner van de aangever verschuldigde inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen na toepassing van de heffingskortingen. | nl | http://www.xbrl.org/2003/role/documentation | http://www.xbrl.org/2003/role/link |
| [GSP:VA-IHZ ID:507590]De door de partner van de aangever verschuldigde inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen na toepassing van de heffingskortingen. | nl | http://www.xbrl.org/2003/role/documentation | http://www.xbrl.org/2003/role/link |
| [GSP:IHZ-VPB ID:117331]Belasting-partner is de verschuldigde IB/PV van de partner. Dit is het totaal van de berekende IB/PH van de over de belastbare inkomens (dus na verrekening van verlies) van de 3 boxen verminderd met: 1. de berekende aftrek ter voorkoming van dubbele belastingheffing 2. aftrek wegens korting aanmerkelijk belang art. 4.53 3. totaal gecombineerde heffingskorting. De verschuldigde belasting mag niet worden verminderd met voorlopige aanslagen / teruggaven en niet met de ingehouden voorheffingen. Het totaal van de verschuldigde IB/PH kan dan ook niet lager zijn dan nihil. Dit gegeven wordt gebruikt bij de berekening van de uit te betalen heffingskortingen aan de minstverdienende partner (art.8.9 IB) via een voorlopige aanslag. Achterwege laten van dit gegeven leidt tot uitbetaling via de definitieve aanslag en niet via een voorlopige aanslag. Een onbedoeld effect kan dan zijn dat de eerder verleende uitbetaling ongedaan wordt gemaakt. | nl | http://www.xbrl.org/2003/role/commentaryGuidance | http://www.xbrl.org/2003/role/link |
| [GSP:VA-IHZ ID:507590]Belasting-partner is de verschuldigde IB/PV van de partner. Dit is het totaal van de berekende IB/PH van de over de belastbare inkomens (dus na verrekening van verlies) van de 3 boxen verminderd met: 1. de berekende aftrek ter voorkoming van dubbele belastingheffing 2. aftrek wegens korting aanmerkelijk belang art. 4.53 3. totaal gecombineerde heffingskorting. De verschuldigde belasting mag niet worden verminderd met voorlopige aanslagen / teruggaven en niet met de ingehouden voorheffingen. Het totaal van de verschuldigde IB/PH kan dan ook niet lager zijn dan nihil. Dit gegeven wordt gebruikt bij de berekening van de uit te betalen heffingskortingen aan de minstverdienende partner (art.8.9 IB) via een voorlopige aanslag. Achterwege laten van dit gegeven leidt tot uitbetaling via de definitieve aanslag en niet via een voorlopige aanslag. Een onbedoeld effect kan dan zijn dat de eerder verleende uitbetaling ongedaan wordt gemaakt. | nl | http://www.xbrl.org/2003/role/commentaryGuidance | http://www.xbrl.org/2003/role/link |
| Aandeel verschuldigde inkomstenbelasting en premieheffing | nl | http://www.xbrl.org/2003/role/label | http://www.xbrl.org/2003/role/link |